In 1904 ontwikkelde de Engelse natuurkundige John A. Fleming (1849-1945) de “diode”. Deze bestond uit een warmte uitstralende (dit gebeurde door er stroom op te zetten) pin en een metalen plaatje in een vacuüm buis. De elektronen die werden uitgestraald konden alleen maar naar de metalen plaat stromen. De stroom kon dus niet de omgekeerde richting op stromen (dit is het principe van een diode). Deze ontwikkeling werd opgevolgd door de ontwikkeling van de “triode” door Amerikaan Lee de Forest (1873-1961) in 1907. De Forest plaatste een extra elektrode in de vacuum buis tussen de metalen plaat en de andere elektrode die het effect had om de stroom te versterken. Dit resulteerde in de ontwikkeling van elektronische vacuüm buizen. Na een tijdje werd duidelijk dat deze elektronische vacuüm buizen ook gebruikt konden worden voor het schakelen van elektronische stromen. Dit gaf mogelijkheden bij de ontwikkeling van elektronische rekenmachines. Deze ontwikkeling werd nog eens versterkt toen men doorhad dat aritmetische berekeningen met behulp van elektromagnetische relais ook gedaan konden worden door elektronische vacuum buizen. [5]
Ondertussen hadden de Engelse wetenschappers W.H. Eccles en F.W. Jordan het beroemde apparaat de “flip-flop” ontwikkelt. Dit was een dubbele triode met een speciale eigenschap. Een inkomende puls op een van de twee inputs schakelde beide triodes in een tegenovergestelde toestand. De “flip-flop” was een bistable electronic device. Geperfectioneerd in 1919 was deze uitvinding een grote doorbraak in de ontwikkeling van binaire elektronische schakelingen. [5] blz 215-216 en [4] blz 36-37
Met behulp van de “flip-flop” was het dus mogelijk om binaire informatie op te slaan met behulp van elektronische vacuum buizen.
![]() Figuur 20 - schema flip-flop schakeling
|
![]() Figuur 21 - uiteindelijke flip-flop |
Dit was dan ook een ideale vervanging van de elektromagnetische opslag systemen die tot op dat punt in gebruik waren. De voordelen van elektronische opslag systemen waren duidelijk. De elektronische opslag systemen waren veel sneller, konden sneller schakelen van toestand. De vacuum tubes werden dan ook vaak gebruikt voor de aritmetische eenheid. De snelle geheugens die voor deze eenheid nodig waren werden ook uitgevoerd met behulp van vacuümbuizen omdat deze sneller waren en elektromagnetische relais de aritmetische eenheid (van vacuum buizen gemaakt) niet konden bijhouden. Het nadeel van geheugen uit vacuümbuizen was de prijs hiervan (erg duur vergeleken met elektromagnetische relais) en het feit dat het gebruik van elektromagnetische relais minder problemen opleverde.
Het eerste apparaat dat gebruik ging maken van deze elektronische ontwikkelingen was de ABC computer van Dr. Atanasoff. Hiervan waren delen van het apparaat elektronisch uitgevoerd.
| terug - relais geheugens | verder - delay lines |